Logboek 2011

Het logboek bevat berichten over opmerkelijke ontwikkelingen bij  de totstandkoming van de Nieuwe Nederlandse Grondwet

zaterdag 17 december 2011

Bas Heijne schreef in de NRC van donderdag 15 december in zijn artikel ‘Militant humanisme’ (verkorte versie van de door hem gehouden jaarlijkse Sokrateslezing van het Humanistisch Verbond) dat het accepteren van iemands menselijkheid los van zijn afkomst en cultuur rationeel niet zo moeilijk is; dat er zeker na de Tweede Wereldoorlog de breed gedragen, bij uitstek humanistische verwachting was dat het de mens ooit zou lukken zijn oorsprong en afkomst te overstijgen en de ander te erkennen als drager van essentieel menselijke waarden; maar dat in de praktijk bleek dat dat idee vaak genoeg een waardeloze abstractie was. Heijne vindt het besef dat de wereld niet maakbaar is waardevoller dan welke verheven gedachte over de broederschap der mensheid dan ook. “Alle mensen zullen nooit broeders worden, dat lijkt nu wel zeker”, aldus Heijne.

De Universele Verklaring van de Rechten van de Mens (1949) erkent de inherente waardigheid van alle leden van de mensengemeenschap. De Franse filosoof Gabriel Marcel (1889-1973) zag de rechtvaardiging van de  onvervreemdbare menselijke waardigheid als de historische opdracht van de filosofie. Deze rechtvaardiging moest volgens hem gezocht worden op het vlak van leven en dood en niet op het vlak van abstracte rationaliteit. De Franse filosoof Emmanuel Levinas ( 1906-1995) was van oordeel dat de (Westerse) filosofie in haar hoedanigheid van metafysica (heteronome religie met haar subject-subject-verhouding) de menselijke waardigheid in ogenschouw moest nemen.

Dit alles is van een andere orde dan de open-deur-constatering van Bas Heijne dat de wereld niet maakbaar is. Er is hier sprake van een ideaal, waaraan gestaag gewerkt kan worden, bijvoorbeeld via het onderwijs. Adequate wijsgerige vorming, als het kan. En: verwoording van dat ideaal in de Nieuwe Nederlandse Grondwet.  CS

———————————————————————–

vrijdag 2 december 2011

Maurice de Hond, opiniepeiler, en Gerard  Drosterij, politicoloog, schreven in de Volkskrant van zaterdag 26 november (pagina 32 en 33) een artikel met het kopje “Politici lopen hopeloos achter. Als zij zich niet inzetten op meer politiek burgerschap ondersteund door ict, zal de bevolking het heft in eigen handen  nemen.” De schrijvers merken op dat, terwijl in IJsland anno 2011 de nieuwe grondwet samen met de bevolking wordt gemaakt, in Nederland politici internet hooguit zien als extra mogelijkheid om de eigen boodschap te verspreiden. Er wordt hier, aldus de schrijvers, amper ingespeeld op het gebruik van de technologie door de burgers. Deze gedachten lijnen met de Nieuwe Nederlandse Grondwet. Met deze laatste hoeven wij burgers overigens niet op de politici te wachten, maar kunnen we het heft in eigen hand nemen. Wat hiervoor basaal nodig is, is een aantal jonge, gisse ict-ers, die het orgel van  de sociale media goed kunnen bespelen.  CS

——————————————————————-

dinsdag 15 november 2011

De Filosofie Scheurkalender voerde op maandag 14 maart Kurt Tucholsky (1890-1935) op. Deze Duitse schrijver constateerde dat veel mensen gedurende het interbellum – de tijd van de industrialisering en de individualisering, de tijd van ontwrichting en verwarring – hun toevlucht  zochten bij de staat. Er was een geloof in en verlangen naar een sterke, door de overheid geleide gemeenschap. De staat moest niet alleen bescherming, maar ook een normatief kader bieden, iets waar ooit de kerk voor was. Het betekende de komst van het nationaal-socialisme en het communisme. Dat bleken catastrofale experimenten. Na de Tweede Wereldoorlog kreeg het individualisme weer ruim baan, gepaard gaande met het neoliberale marktdenken. De vraag is of dit de goede weg is. Moeten we die niet zoeken in gezamenlijk beraad? Moeten we daar geen werk van maken, zeker nu dat technisch meer en meer mogelijk is? CS

———————————————————

maandag14 november 2011

David van Reybrouck zei op de grootschalige Burgertop G1000 op vrijdag 11 november in Brussel dat in de negentiende en twintigste eeuw een democratisch systeem met vierjaarlijkse verkiezingen misschien nog voldoende was, maar dat dit systeem anno 2011, nu burgers via sociale media en internet voortdurend kunnen reageren, aanvoelt als met een koets op de snelweg rijden.

Ger Vertogen, emeritus hoogleraar theoretische  natuurkunde, schreef in zijn artikel ‘Waarom zou je je tijd tot de dood moeten uitzingen?’ in de Volkskrant van zaterdag 12 november dat de huidige regels in Nederland over euthanasie ons ten onrechte een levensbeschouwing opdringen, wat in strijd is met artikel 18 van de Universele Verklaring van de Rechten van de Mens (UVRM). Dit artikel bepaalt onder meer dat een ieder het recht heeft op vrijheid van gedachte, geweten en godsdienst. Vertogen stelt dat tot nu toe in ons land de wetgevende macht dit artikel negeert: onuitgesproken wordt bij ons de christelijke levensbeschouwing opgedrongen, die door menigeen niet (meer) wordt aangehangen.  Bij de bepaling wat hier ter zake van euthanasie wel en niet mag, analyseert de overheid niet de status van een levensbeschouwing.  Het getal, het politieke gemarchandeer, heeft hier de overhand met alle inhumane gevolgen van dien. ”Een herziening van de euthanasiewet, die voldoet aan de UVRM,  zal de lijdende mens tot onderwerp moeten hebben en geen strafmaat voor zijn hulpverleners”, aldus Vertogen.

Zowel David van Reybrouck als Ger Vertogen spreekt in de geest van de Nieuwe Nederlandse Grondwet: niet partijpolitiek gekonkel  maar ‘herrschaftfreie  Kommunikation’ op nationale schaal  is aan de orde. Daar gaat het anno nu wezenlijk om.  CS

————————————————————————

zondag 16 oktober 2011

David Van  Reybrouck (1971), schrijver van het boek Congo / een geschiedenis (ISBN 978   90  234 58661), zegt in het interview met hem in de NRC van dit weekend, getiteld ‘Burgers buigen zich over België’, dat de democratie in het Westen dingend aan vernieuwing toe is . “Die democratie, met verkiezingen als enige instrument, is een procedure uit de laat achttiende eeuw, ontstaan na de Franse en Amerikaanse revolutie. Dat was een goed idee en het was gekoppeld aan het trage medium van de krant. Sinds de komst van het zeer interactieve internet, internet 2.0 met totaal nieuwe vormen van openbaarheid, lijden de kranten. Maar ook de democratie. [-] Als de democratie ons dierbaar is, moeten we procedures bedenken om die te laten overleven in een nieuw ecosysteem, waarin informatie communicatie is geworden. We moeten af van het electoraal fundamentalisme”, aldus Van Reybrouck.

In navolging van IJsland, waar vorig jaar burgers een nieuwe grondwet hebben geschreven, wil Van Reybrouck ook in België iets dergelijks, niet gericht op een nieuwe grondwet, maar op de formulering van  nieuwe ideeën over politiek en democratie. Met zesentwintig medestanders bedacht hij de ‘G1000’. Ze houden  op 11 november 2011 in Brussel met duizend willekeurig gekozen burgers een bijeenkomst. Via een website verzamelde  de G1000 vervolgens vragen en ideeën. Boven aan de lijst vragen staan nu: ‘Wat is de rol voor politieke partijen in onze democratie?’, ‘Hoeveel bestuursniveaus heeft België nodig?’, ‘Hoe kan de overheid de banken en de financiële sector aansporen tot verantwoord gedrag?’. Twintig tot veertig mensen werken de verzamelde ideeën uit en gaan de resultaten voorleggen aan de politiek.

Van  Reybrouck: “ Als burgers samenkomen om over de toekomst van de samenleving te praten, is dat de pure essentie van de democratie volgens de definitie van de Duitse filosoof Habermas. En het is relevant: we komen met resultaten en een procedure die tonen dat er een andere democratische vorm mogelijk is. Wat we doen, heeft de zichtbaarheid van een massabetoging, maar de diepgang en precisie van een denktank. [-] We creëren met ons burgerforum een nieuw middenveld, ad hoc en zonder de ideologie uit het industriële tijdperk. [-] Onze primaire bedoeling is: een democratie in ademnood van zuurstof voorzien”.

De ideeën van Van Reybrouck sluiten naadloos aan bij die van de Nieuwe Nederlandse Grondwet, de Grondwet Triade en het GrondwetBeraad. CS

———————————————————-

dinsdag 11 oktober 2011

“Think different.” Steve Jobs ( 1955-2011),  Apple Inc.  CS

———————————————————-

donderdag 29 september 2011

Henri Beunders, hoogleraar geschiedenis maatschappij, media en cultuur, schreef in zijn artikel ‘Zo veel informatie en zo veel teleurstelling’ in NRC Handelsblad van gisteren dat in het nabije verleden, de tijd van de massamedia, iedereen ontvanger was en niemand zender en dat dat nu net andersom is: iedereen is nu zender, maar geen ontvanger, niet bereid tot luisteren en redelijk discussiëren. De gedroomde e-democracy (met websites, Hyvespagina’s, twitter) is volgens hem hol en inhoudsloos gebleken. Met digitale communicatie alleen kom je er niet.  Lijfelijke aanwezigheid is onontbeerlijk om werkelijke interactie mogelijk te maken.

Beunders noemt het boek The Wisdom of Crowds van James Surowiecki (2004). De kern van dat boek is: hoe meer mensen een oordeel over iets geven, hoe groter de kans is dat het gemiddelde van hun meningen in de buurt komt van het juiste antwoord. De voorwaarden  daarbij zijn wel dat de deelnemers divers van aard zijn, niet met elkaar in verbinding staan en onafhankelijk oordelen op basis van hun eigen  lokale of specifieke kennis.

Zowel de falende e-democracy als the wisdom of the crowds is van toepassing op de Nieuwe Nederlandse Grondwet. Wat deze beoogt (een nieuwe Grondwet van onderaf samengesteld), is niet enkel met de interactieve website www.nieuwegrondwet.nl te bereiken. Weliswaar is deze website al meer dan bijna twaalf en een half duizend keer bezocht in bijna drie jaar tijd, maar van een gedachtenwiseling is daar tot heden geen sprake geweest. Daar is dus meer voor nodig. Wat? In de eerste plaats motivering van de menigtes om over de Grondwet na te denken en te discussiëren. Vervolgens een formule om aan die gedachtenwisselingen handen en voeten te geven. CS

———————————————————————

vrijdag 16 september 2011

De Onderwijsraad bereidt momenteel op verzoek van de Tweede Kamer een zwaarwegend advies voor over de toekomst van het onderwijsartikel 23 van de Grondwet. Daarvoor heeft de Raad op 14 september 2011 een grootschalig symposium gehouden. Daaraan werd deelgenomen door wetenschappers, politici, vertegenwoordigers van schoolbesturen, onderwijsinspectie, bonden en andere onderwijsorganisaties. De bekende standpunten werden naar voren gebracht, variërend van afschaffing tot volledige handhaving van het artikel. Alle aandacht ging in het symposium traditioneel uit naar de vrijheid van onderwijs. Van de nieuwe wijze van zien was geen sprake:  geen aandacht voor de formulering van wat we in de 21ste eeuw met het onderwijs willen; geen aandacht voor de formulering van  de eisen die wij aan het onderwijs  – met name het met gemeenschapsgelden gefinancierde onderwijs – moeten stellen.  CS

————————————————————————-

dinsdag 23 augustus 2011

Anton van Hooff, voorzitter van de vereniging Vrije Gedachten, onderschreef in zijn artikel ‘Wat een lef om een goddeloos 9/11-monument te eisen’ (de Volkskrant van 22 augustus) dat de Amerikaanse atheïsten (“ongodisten”) hadden geprotesteerd tegen de plaatsing in New York van een christelijk kruis op de gedenkplaats van de aanslagen van 11 september 2001. Dit met een keur aan argumenten en onder verwijzing naar de geldende bepaling dat alle personen  op gelijke wijze mogen delen in de openbare voorzieningen. Terecht artikel van Van Hooff. Een paar jaar geleden (in 2006 en 2008) heeft Van Hooff in de krant ook kritiek geleverd op de Nederlandse Grondwet, eveneens een voorbeeld van een openbare voorziening. Ook van de Grondwet mag namelijk verwacht worden dat  alle Nederlanders – gelovigen en ongelovigen – er zich geheel in kunnen vinden. De Nieuwe Nederlandse Grondwet beoogt dat te bereiken. Hoe? Door de grootst mogelijke inspraak van onderaf  bij de samenstelling ervan.   CS

———————————————————

zondag 14 augustus 2011

In de rubriek Opinie van NRC Handelsblad van vrijdag 12 augustus staat het artikel van Tweede Kamerlid Frans Timmermans onder de titel “We moeten die leugens over de islam blijven bediscussiëren”. De schrijver betoogt terecht dat we met degenen, die die  “leugens  verkopen”, moeten praten en hen niet moeten wegzetten. We moeten dat, aldus de schrijver, doen vanuit onze trouw “aan de verlichtingsidealen, waarbij de ratio centraal staat in het sociale contract waarop onze samenleving is gebaseerd”. Bij dit laatste heeft de schrijver helaas geen oog voor de zogeheten Tweede Verlichting. Bij deze vervolg-verlichting is men tot het besef gekomen dat het bewustzijn (de ratio) zelf vervalst en ook zelf vervalst is. Ideologiekritiek beoogt een ontmaskering van dat valse en vervalsende bewustzijn. Zo heeft Karl Marx het recht, Friedrich Nietzsche de moraal en Sigmund Freud de godsdienst in hun vervalsende capaciteiten ontmaskerd. Een toontje lager zingen ten aanzien van de door Timmermans aanbeden Verlichting is dus hier wel op zijn plaats. Ook zou het in het actuele ideologie-getwist beter zijn om “de inherente waardigheid van alle leden van de mensengemeenschap” als basis van onze gemeenschappelijke ideologie te zien, en niet de scheurkalenderwijsheid “wat u niet wilt dat u geschiedt, doe dat ook een ander niet”, wat voor Timermans de uiteindelijke  basis van zijn eigen ideologie is. De Universele Verklaring van de Rechten van de Mens” (1948), de Duitse Grondwet (1949) en de beoogde Nieuwe Nederlandse Grondwet kiezen gelukkig wel voor die basis.   CS

——————————————————-

donderdag 4 augustus 2011

In De Groene Amsterdammer van donderdag 21 juli 2011 staat op bladzijde 114 de volgende ingezonden brief van Robert Israel uit Kortenhoef:  “Dikwijls ben ik jaloers op Duitsland voor hun uitmuntende grondwet – onder meer omdat er in artikel 1 staat: ‘Die Würde des Menschen ist unantastbar’, oftewel: de waardigheid van de mens is onaantastbaar, en uitdrukkelijk niet, zoals Antoine Verbij schrijft (De Groene  Amsterdammer , 14 juli), de ‘waarde’ van de mens. De Duitse grondwet en de lezers van De Groene zijn het waard  waardiger bejegend te worden dan door iemand die het verschil niet kent.”  Ik onderschrijf  de kritische reactie in de ingezonden brief. Ik zou er wat voor over hebben, als de Nederlanders na rijp beraad zouden besluiten dat de Nieuwe Nederlandse Grondwet ook zou beginnen in de trant van: “Ieder mens bezit waardigheid. Deze is onaantastbaar”.  CS

————————————————————–

donderdag 28 juli 2011

De arabist Martin Janssen berichtte in de Volkskrant van 23 juli dat het religieuze instituut al-Azhar  in Caïro – de meest gezaghebbende instantie in de soennitische wereld die meer dan duizend jaar bestaat – een kalifaat van de hand wijst en de grondwet en niet de islamitische wet (sharia) als bron van legitimatie van de staat ziet. Het hoofd van de al-Azhar deed, aldus Janssen, recentelijk een elf pagina’s lang  document het licht zien waarin de al-Azhar haar visie uiteenzet op het nieuwe Egypte. Naar verluidt kwam dit document tot stand na maandenlange discussies tussen geestelijken van de al-Azhar en Egyptische intellectuelen. De inhoud van dit document is, aldus Janssen, aangenaam verrassend, want het blijkt een onverwacht lichte taal te spreken. Het document spreekt over een moderne en democratische natiestaat in Egypte die een complete scheiding garandeert van de verschillende machten. De staat ontleent zijn legitimiteit aan een grondwet die de gelijkheid van alle burgers voor de wet garandeert en de vrijheid van meningsuiting. De al-Azhar onderstreept in dit document de centrale positie van de mensenrechten waaronder de rechten van de vrouw. Het document spreekt over de ‘algemene principes van de sharia’ als leidraad voor de staat, hiermee afstand nemend van een strikte en rigide toepassing van de sharia, zoals geëist door radicale groeperingen.

“De grondwet is bron van de legitimatie van de staat”, het klinkt als muziek in de oren. Voor Nederland een stimulans om alle aandacht en zorg te besteden aan de adequate grondwet van de 21 ste eeuw.  CS

———————————————————–

woensdag 20 juli 2011

“Na de ‘Lente’ begint de strijd van Arabische vrouwen” kopte De Volkskrant van gisteren. Er werd gemeld dat er kort geleden een breed opgezette vrouwenconferentie in Caïro was gehouden. De conclusie van deze conferentie was: vrouwen moeten erbij zijn als grondwetten worden herschreven. Een andere melding: op 8 maart jongstleden, de Internationale Vrouwendag, was er op het Tahrirplein in Caïro een vrouwendemonstratie. Door een menigte conservatieve tegenbetogers werden de vrouwen beschimpt en fysiek belaagd. Zij maakten zich uit de voeten. Beide meldingen wijzen enerzijds op de wenselijkheid van een grondwet ‘van onderaf’, maar anderzijds op de noodzaak van een bevolking die ‘verlicht’ is, en dus niet geïndoctrineerd / gebrainwasht.  CS

—————————————————————

zaterdag 25 juni 2011

D66-kamerlid Boris van der Ham komt binnenkort met een initiatiefwet om het onderwijsartikel van de Grondwet (artikel 23) open te breken. Volgens D66 moet het eenvoudiger worden om bijzondere scholen te kunnen stichten die niet uitgaan van een geloofsrichting maar van een lesmethode. Voor Van der Ham is het ook tijd om de ‘status aparte’ van het religieus  onderwijs te herzien. Deze herziening hoeft niet plaats te vinden door de Grondwet te veranderen, maar door dit te regelen in gewone wetten. Hij is er bijvoorbeeld tegen dat bijzondere scholen geen openheid hoeven te geven over hun jaarverslagen of over declaraties. Dit staat in de Volkskrant van vrijdag 24 juni 2011, pagina 10. Het lijnt met de Nieuwe Nederlandse Grondwet: alleen hoofdzaken in de Grondwet en uitwerkingen in de gewone wet- en regelgeving. En inderdaad: vrijheid van onderwijs, wel gebonden aan de grondbeginselen, grondrechten en grondplichten  in Nederland.  CS

——————————————————————-

dinsdag 10 mei 2011

Sinds een paar weken functioneert het GrondwetBeraad. Dat is het samenwerkingsverband van de Nieuwe
Nederlandse Grondwet
(www.nieuwegrondwet.nl), de Stichting Grondwet Triade (www.grondwettriade.nl ) en The Kgotla Company (www.kgotla.nl). Het GrondWetberaad voert een driejarig project uit onder de titel “Dialoog over onze Nederlandse Grondregels”. Op 2 mei jl. is in Amsterdam de eerste dialoogbijeenkomst geweest rond het thema “Vragen rond onze Grondwet”. Voor de website van de Edmund Husserl Stichting heb ik over het GrondwetBeraad een kort artikel geschreven. Zie:  http://www.husserl.nl/index.php?option=com_content&view=article&id=281&Itemid=58
Hier mijn typering van het GrondwetBeraadIdeaal Nederlanders beschikken over een Grondwet, die zij kennen en beamen, waarin zij hun grondregels hebben vastgesteld, waaraan zij zelf hebben meegewerkt.  Doelen Bijdragen aan de kritische bewustwording bij de Nederlanders van de betekenis, de waarde en het belang van de Grondwet. / Betrekken van zoveel mogelijk Nederlanders en Nederlandse groeperingen bij het bespreken van onderwerpen die de Grondwet raken. / Aanzetten van Nederlanders en Nederlandse groeperingen tot het formuleren van teksten voor de Grondwet  Middelen Gedachtenwisselingen door jong en oud, op scholen, in universiteiten en hogescholen, in verenigingen, in bedrijven, in instellingen. / Gedachtenwisselingen via de sociale media, zoals Hyves, Facebook, LinkedIn, Twitter. /Kgotla’s, plaatselijk,  regionaal en landelijk.  Samenwerking Inspelen op soortgelijke initiatieven, zoals het project “Onze Nationale Spelregels” van het PDC (Parlementair Documentatie Centrum).  Ondersteuning De participerende instellingen van het GrondwetBeraad, zoals de Nieuwe Nederlandse Grondwet, de Grondwet Triade, helpen bij het realiseren van hun doelstellingen.    CS

———————————————————————————–

zondag 24 april 2011

In De Groene Amsterdammer, jaargang 135, nummer 16 (21 april 2011), goeddeels gewijd aan “de grootste problemen van Nederland volgens 75 sociale wetenschappers”, staat op pagina 33 de volgende uitspraak van Dick Houtman, hoogleraar cultuurwetenschapen van de Erasmus Universiteit genoteerd: “ Nu God dood is en Nederland verregaand ontzuild, verlangen veel laagopgeleide autochtone Nederlanders naar een nieuw verhaal dat hun een identiteit, een stem en een toekomstperspectief verschaft”. Een Nieuwe Nederlandse Grondwet zou daarvoor een hulpmiddel kunnen zijn.  CS

——————————————————————-

maandag 21 maart 2011

Op de Filosofie Scheurkalender 2011 van maandag 14 maart staat een citaat uit het boek Sur la télévision van de Franse socioloog Pierre Bourdieu (1930-2002). Bourdieu bindt in dat boek uit naam van de democratie de strijd aan met de kijkcijfermentaliteit. Volgens hem dienen de media de mensen te informeren zodat deze onderlegd kunnen deelnemen aan het democratisch proces. Het commerciële belang van de kijkcijfers staat dat in de weg. Bourdieu staat voor “de democratische expressie van een verlichte collectieve opinie, van een openbare rede”. Het is precies dit wat ook bij de Nieuwe Nederlandse Grondwet wordt  bedoeld.  CS

—————————————————————–

vrijdag 4 februari 2011
In de bundel Grondwet van de Republiek Nederland (2004 Prometheus Amsterdam ISBN 90 446 0566 6), biedt een groep beoefenaars van het staatsrecht drie modellen van een toekomstige Nederlandse republikeinse staatsvorm. Die drie modellen zijn door de groep voorzien van concrete voorstellen tot Grondwetswijziging ter zake van staatshoofd en regering (het staatsbestel). Achtereenvolgens worden de modellen aangeduid met: de minister-president als staatshoofd (model A); de ceremoniële president (model B); de beschermende president (model C). In model A wordt de minister-president als staatshoofd door de Tweede Kamer benoemd en ontslagen, in model B de ceremoniële president benoemd en ontslagen door de Staten-Generaal en in model C de beschermende president benoemd en ontslagen door eveneens de Staten-Generaal. De groep heeft geen model ontwikkeld van een rechtstreeks door het volk gekozen president, zoals dat het geval is in bijvoorbeeld de Verenigde Staten en Frankrijk. Dit model zou volgens de groep een radicale breuk met het Nederlandse verleden opleveren.
Het staatsbestel (monarchie versus republiek bijvoorbeeld) betreft vanzelfsprekend slechts een deel van de Grondwet. Voor de Nieuwe Nederlandse Grondwet zou het goed zijn, als de bundel Grondwet van de Republiek Nederland grootschalig doorgediscussieerd zou worden. CS
——————————————————————
maandag 24 januari 2011
De start van het driejarige studentenproject van de stichting Grondwet Triade (zie het Logboek hieronder de dato 12 april 2010) is een jaar uitgesteld. Deze start ligt nu aan het begin van het academisch jaar 2011/2012. Inmiddels  is er al een viertal multidisciplinaire studententeams gevormd, is er een Educational Board met een zestal naamhebbende hoogleraren, functioneert er een website, namelijk  www.grondwettriade.arsaequi.nl/, en verschijnt er op gezette tijden een nieuwsbrief.  CS
—————————————————————-
maandag 10 januari 2011
In het VPRO-programma Wintergasten 2010, aflevering 2, op maandag 27 december 2010, sprak Raoul Heertje met de Colombiaanse wiskundige, filosoof en politicus Antanas Mockus aan de hand van filmfragmenten, door Mockus zelf uitgekozen. Mockus is gedurende twee periodes burgemeester van de hoofdstad Bogota geweest, rector magnificus van de nationale universiteit en presidentskandidaat. Een van de onderwerpen in het programma was de nieuwe Colombiaanse grondwet. Op een VPRO-website staat onder het kopje ‘Colombia’s bijzondere grondwet’ het volgende daarover:
“In de uitzending pakt Antanas Mockus verschillende malen liefdevol een klein groen boekje op: de Colombiaanse grondwet. Het was een van de speerpunten van zijn campagne als presidentskandidaat: iedereen moet zich aan de grondwet houden. Iedereen: de guerrilla’s maar ook de weinig transparante politiek en politie.
Colombia’s grondwet, waar Mockus zelf aan mee heeft geschreven, is een bijzonder document – zeer progressief voor zijn context en tijd. Zo kreeg de inheemse bevolking uitgebreide territoriale rechten en recht op zelfbestuur, ongekend in Latijns-Amerika op dat moment. Maar Antanas Mockus blijft niet voor niets met het boekje zwaaien: de praktische uitvoering van deze grondwet komt moeizaam tot stand. Veel principes die in de grondwet staan zijn nog niet omgezet in secundaire wetgeving en dus ook niet in de praktijk. De grondwet heeft vooral een enorme uitstraling.
De wordingsgeschiedenis van de constitutie uit 1991 is op zichzelf al fascinerend: dankzij een studentenopstand en protesten tegen de corrupte regeringen kwam de vernieuwde grondwet tot stand. Na een mislukte hervormingspoging van het bestuur in 1988, die de bevolking meer inspraak in het democratische proces had moeten geven, ontstond er een brede studentenbeweging onder het motto “Todavía podemos salvar a Colombia”: we kunnen Colombia nog redden. De studenten streden voor een nieuwe grondwet die door een zo breed mogelijk spectrum van de bevolking moest worden ontwikkeld. Ze kwamen met het voorstel een breed comité te vormen dat aan de grondwet zou schrijven. Dit kwam er in 1990: via bijeenkomsten met zeventig delegaties die verschillende groepen van de bevolking representeerden, van zakenmannen, sociale partners, boeren, geestelijken, academici, inheemse leiders tot ex-guerrilla’s, werd er aan de nieuwe grondwet geschreven. Een jaar later was de ‘Constitución Política De La República De Colombia De 1991′ een feit.”
Nederland moet ten aanzien van de grondwet hetzelfde doen als wat Columbia eind vorige eeuw deed en wat thans IJsland aan het doen is. Dat is ook wat de Nieuwe Nederlandse Grondwet beoogt.  CS
—————————————————————————
zondag 9 januari 2011
In de Volkskrant van vrijdag 7 januari staat een paginagroot betoog onder de titel ‘Koning(in) moet in regering blijven’. Co-auteur is Anton Zijderveld, emeritus hoogleraar sociologie en ambassadeur van het per 1 januari 2011 officieel opgeheven Forum voor Democratische Ontwikkeling (FDO). In het betoog wordt gesteld dat het grondwetartikel ‘De regering wordt gevormd door de Koning en de ministers’ (art.42) gehandhaafd moet blijven. Maakt de Koning namelijk geen deel meer uit van de regering, dan zal er te weinig sprake zijn van gezag en te veel van macht. “ Zou een (gekozen) president deze gezagsdimensie niet kunnen waarborgen? Dat is zeker mogelijk maar men veronachtzaamt de lange geschiedenis die wij met het Huis van Oranje hebben”, aldus de auteurs. Hun betoog staat haaks op bijvoorbeeld het hoofdstuk ‘Waarom de monarchie niet anders kan dan verdwijnen’ van emeritus hoogleraar Hans Ulrich Jessurun d’Oliveira in de bundel Grondwet van de Republiek Nederland grootschalig doorgediscussieerd zou worden. CS
——————————————————————
zondag 2 januari 2011
Op de website van het Republikeins Genootschap (www.republikeinsgenootschap.nl ) staat de ‘Grondwet voor de Republiek der Nederlanden’, geschreven door Meine Henk Klijnsma, geschreven in 1998 ter gelegenheid toen van de herdenking (150 jaar) van de Nederlandse Grondwet van 1848. Klijnsma is ook medeauteur van het in 2004 verschenen boek Grondwet van de Republiek Nederland, waarin drie modellen voor een parlementaire republiek, ter vervanging van de huidige monarchie, worden getoond (ISBN 90 446 0566 6). De republikeinse Grondwet van Kleinsma bestaat  – naast een preambule, een elftal additionele artikelen en twee registers – uit tien hoofdstukken, die tezamen 151 artikelen bevatten. De titels van de tien hoofdstukken zijn de volgende: 1. Algemene bepalingen; 2. Grondrechten; 3. Volksinitiatief en referendum; 4. Nationale vergadering en grote vergadering; 5. Nationale raad, minister-president, ministers en onderministers; 6. Algemene rekenkamer, raad van state, nationale ombudsman; 7. Wetgeving en bestuur; 8. Rechtspraak; 9. Provincies, gemeenten en andere openbare lichamen; 10. Herziening van de Grondwet.
Het werk van Kleinsma is doordacht, duidelijk geschreven en eigentijds. Het mist evenwel de bezinning op de plaats, de functie en de inhoud van de hedendaagse Grondwet. Het is ook weer een Grondwet voor het volk en niet een door het volk zelf gemaakt. Daarmee verschilt het van de Nieuwe Nederlandse Grondwet. CS
———————————————————————-